Salvador, Brazilië

Van de kust naar het binnenland

24 augustus 2012 - Salvador, Brazilië

Van de kust naar het binnenland,

Maceió is de hoofdstad van de provincie Alagoas. Een moderne stad met ruim één miljoen inwoners, prachtige stranden en een gezellige 5 km lange wandelpromenade. We kamperen een paar dagen in een straat tussen de appartementencomplexen op honderd meter van de boulevard. Elke ochtend en avond wandelen, fietsen en joggen er honderden mensen over de boulevard en wij doen gezellig mee.

In Zuid-Amerika zijn er, in de straten van dorpen en steden waar we overnachten, regelmatig onbeveiligde wifi-netwerken te vinden. Voor ons is dat erg prettig, op die manier kunnen we in de vrachtwagen mailen en skypen en hoeven we niet naar het internetcafé. In Brazilië is het anders, hier zijn de meeste netwerken beveiligd en veel Brazilianen hebben internet via de mobiele telefoon. We gaan op de motor het centrum in, op zoek naar een LAN-house. (zo heet een internetcafé in Brazilië) en na het internetten wandelen we door het centrum. Daar staat een groepje betogers wat leuzen te roepen en er staan wat geïnteresseerde omstanders. Het ziet er kalm uit. Maar op vijftig meter afstand staat een grote groep ME die, net wanneer we voorbijlopen en zonder waarschuwing vooraf, met traangas gaat schieten. De groep vlucht uiteen, iedereen begint te rennen. Binnen tien minuten zijn de luiken van alle winkels gesloten, helikopters cirkelen boven stad en het centrum ritselt van politie en militairen op zoek naar de gevluchte betogers. Wij snappen niets van de paniekzaaierij maar de sfeer is plotseling grimmig en we rijden het centrum maar uit…en moeten met de motor tussen de file door laveren omdat iedereen het centrum uit probeert te komen.

Op de route richting het zuiden volgen we zoveel mogelijk de kustlijn. We rijden over smalle onverharde wegen, langs rivieren, plantages met kokospalmen en over het harde strand van het ene naar het andere dorp. We overnachten aan verlaten stranden en in kleine (vissers)dorpen. Wij kijken naar het dagelijks leven in de dorpen (Niet zo wereldschokkend hoor; de belangrijkste activiteiten zijn: voor je huis zitten en kijken wie er langs komt, een praatje maken met de buurman, gewoon alleen maar liggen in je hangmat)en de dorpelingen kijken naar ons.

Salvador is de hoofdstad van de populaire provincie Bahia én het is de stad waar in 1500 (onder Portugees bewind) veel Afrikanen naartoe werden gehaald om als slaven te worden verkocht voor het werk op de suikerrietplantages. Veel van hen zijn later gevlucht en de meeste nakomelingen wonen nu nog in Salvador en omgeving. Voor ons is het altijd even bedenken wat we doen in een grote stad. Kamperen we in de buurt van het centrum of blijven we er ver buiten? Maar we gaan er voor en rijden richting de binnenstad. We rijden ruim dertig kilometer door buitenwijken voordat we eindelijk in de buurt van het historische centrum komen. Maar nu nog een plek vinden.  Net op het moment dat we denken dat het deze keer echt niet gaat lukken, zien we (in de wijk Vitoria naast het museum voor moderne kunst) een doodlopend straatje. We rijden erin en kunnen er net, alweer tussen wat appartementencomplexen, parkeren. We vragen toestemming aan een paar van de bewoners die ons aan zien komen rijden. Ze vinden het geweldig en we moeten vooral blijven staan.

Het historische centrum van de stad is mooi gerenoveerd en om de plek een ‘veilig’ imago te geven hebben ze er een paar honderd militairen en politieagenten losgelaten. We zien vooral toeristen en politieagenten. Het ‘gewone’ dagelijks leven speelt zich af in de straten rondom het centrum en de stranden. In de winkelstraten is het een gezellige drukte en een enorme herrie. Vóór iedere winkel staat een medewerker met een microfoon de aanbieding van de dag aan te prijzen en dus.. in een straat met dertig winkels...staan er dertig medewerkers in de microfoons te roepen.

We staan voor een keuze; óf we rijden via de kust helemaal  tot aan de grens met Uruguay óf we rijden het binnenland in richting Brasilia, Mato Grosso en Paraquay. De keuze voor de kustroute is erg verleidelijk met al die mooie stranden. Maar Brazilië is ook voor een heel groot deel ‘binnenland’ dus we kiezen voor het laatste en maken ons op voor een rit van 1600 km richting Brasilia. Op het moment dat we uit de straat willen wegrijden zien we een piepklein briefje aan de cabinedeur hangen met de volgende tekst; ‘hebben jullie iets nodig of kunnen we ergens mee helpen..laat het ons weten’, met het telefoonnummer en de groeten van Rodriques en Sofia. Dit zijn nu typisch de Brazilianen..superaardig!

Het binnenland van Bahia, de sertao, is vooral heet en droog en de eerste paar  honderd kilometer zien we niet veel meer dan kale bosjes, cactus plantages en de hekken van de boerderijen. We schrikken bij het zien van de kleine uit modder en klei opgetrokken bouwsels. Het zijn de allerarmste Brazilianen die op het twintig meter brede stukje grond tussen de asfaltweg en de hekken van de grootgrondbezitters illegaal een huisje neerzetten. Het is ons een raadsel waar deze gezinnen van leven.

We zijn, om te wandelen, een paar dagen in het nationale park (iets groter dan Nederland) Chapada Diamantina en rijden de resterende 1000 km asfalt langs eindeloze soja, mais en katoenvelden. Het is niet ongevaarlijk. Dit is het domein van de lange afstand trucks. Stuk voor stuk splinternieuwe vrachtwagens met een paar honderd pk. Vaak zwaar beladen en tot wel  30 meter lang! De chauffeurs van die trucks voelen zich echt ‘King of the road’ en halen, met één hand aan de mobiele telefoon,  links en rechts in, of er nu een tegenligger aan komt of niet. Als tegenligger moet je gewoon even de berm in. Tegen zonsondergang gaan we van de hoofdweg af en kamperen  óf op een afgelegen landweggetje óf wanneer dit niet gaat dan  doen we het hek open en rijden we het terrein op van een fazenda (boerderij).  Soms komt er iemand van de boerderij even kijken. Als ze horen dat we Nederlanders zijn dan is het nooit een probleem dat we een nachtje tussen hun koeien kamperen.

Foto’s

1 Reactie

  1. Paul de Beer:
    26 augustus 2012
    Salvador!!! Mooie herinneringen aan een week (zeg maar tien dagen) carnaval 32 jaar geleden, logerend bij een braziliaanse familie midden in het oude centrum. Veel succes en reisplezier in de binnenlanden.